Ben je zwanger?
Als kind stelde ik iemand ook weleens de vraag: “Ben je zwanger?” of “Wil je ooit kinderen?” Geen idee verder hoeveel pijn daarachter schuil kon gaan. Nu overkwam dat mijzelf…
Ik liep de klas binnen van een collega en meteen vroeg een leerling: “Juf, bent u al zwanger?” Ik kleurde rood, kreeg een brok in mijn keel en antwoordde: “Ik ben misschien wat dikker geworden, maar dat betekent niet dat er een baby in mijn mag groeien.”
Ik hoorde de leerling nog roepen: “Juf, zo bedoelde ik het niet.” Maar ik kon niet langer daar blijven staan en rende weg voordat zij mijn tranen kon zien.
Bij thuiskomst stelt mijn zoon de vraag: “Mam, komt er nog een keer een baby?” Pijn in mijn hart…. in zijn ogen, de puurste en onschuldigste die er maar zijn, zag ik het verlangen, minstens zo groot als het mijne. “Het lijkt me zo gezellig, mam… dan help ik je wel met de baby na schooltijd.” Ik kan hem alleen maar een kus en een knuffel geven en zeggen: “Lieverd, ik weet het niet, ga er maar vanuit dat er geen baby meer komt, dan raak je ook niet teleurgesteld.”
De goed bedoelde adviezen
De goed bedoelde adviezen “Ben er niet zo mee bezig, dan komt ’t wel,” of “Zet de knop op, dan komt ’t wel” of “Je hebt er toch al twee, dat is toch al een zegen?”, komen mij inmiddels de neus uit. Ik weet ook wel dat de kans minimaal is, en de focus probeer ik ook niet te leggen, maar toch hoop ik elke maand weer dat de ongesteldheid uitblijft.
Lees ook Opmerkingen als: Laat het los, dan ben je zo zwanger…. argh!
Ik wil weleens een keer echt praten
Ondertussen is mijn man erg ‘bank-hangerig’. De bank en zijn telefoon zijn zijn beste vrienden en hij is de hele dagen moe. Proberen iets bespreekbaar te maken, is voor mij geen optie. Ik heb geen zin in ruzie.
Ik hou van hem, echt, maar ik weet niet meer wat ik moet doen. Ik wil weleens een keer echt praten. Een gesprek waarbij hij niet alleen kijkt naar de ander, maar ook een keer naar zichzelf. Een gesprek waarbij ik hem kan vertellen hoe ik me voel en hoeveel verdriet het me doet dat ik denk dat ik hem ooit zal verliezen, maar tegelijkertijd dat ik mezelf mijn grootste wens ook niet wil ontnemen…
Moeilijk gedoe dit… zucht.
“Mama…”, hoor ik. Ik ga maar mijn taak vervullen en weer voor m’n jongens zorgen… ze zijn mijn wereld.





